Verslag van een liefhebber 11 september 2022

Gehoord, gezien en beleefd in de ZUIDERKERK in Enkhuizen het concert op zaterdag 11 september 2022, gegeven voor de Muziekkring Enkhuizen en Omstreken door het BACHENSEMBLE AMSTERDAM o.l.v. Paulien Kostense, orkest en Michiel Meijer, koor. De solisten: Tineke Roseboom sopraan, Elsbeth Gerritsen alt, Albert van Ommen tenor en Michel Meijer bas.

Een alleszins bijzondere aftrap van het nieuwe Muziekkringseizoen: een fijn orkest en een mooi koor dat ons gaat vergasten op heerlijke muziek uit de rijke (vroege) baroktijd met klinkende namen als Purcell, Bach, Händel, de voor velen nieuwe naam van Jean Joseph Cassanea de Mondonville en ook de grote Mendelssohn-Bartoldy, hoewel geen barokker, ontbreekt hier niet. Als het orkest heeft plaatsgenomen in de Pancratiuskapel en de instrumenten zijn gestemd opent Tjamke Roelofs, programmeur en initiator van dit speciale optreden het concert, heet orkest- en koorleden welkom en stelt de bestuursleden voor aan het publiek en vertelt iets over hun taken en werkzaamheden. Ook de kosteres en de Liefhebberschrijver worden genoemd. De koorleden staan opgesteld vóór de preekstoel en het koorhek en zetten dan feilloos in met Purcells Hear my prayer. Het koor dat net als het orkest uit verheugend veel jonge mensen bestaat zingt, kweelt ingetogen dit barokke stuk. Loepzuiver, overtuigend en helder stijgen hun stemmen op naar de gewelven van de Zuiderkerk met zijn bijzonder goede akoestiek. Een bijzonder mooi stuk en een prachtige binnenkomer.

Henry Purcell (1659-1695), schreef kerk- en toneel- en instrumentale muziek en liederen. Bekend zijn ook zijn anthems, die hij soms voorzag van grappige passages zoals vogelgezang en klokgelui. Ook schreef hij een anthem voor de troonsbestijging van Willem III en Mary Stuart in 1689. Dido and Aeneas bv. Hij is erg bekend geworden door As I am laid in Earth. Hear my Prayer is de toonzetting van Psalm 102, hij schreef dit voor zijn aanstelling als organist en koormeester van de Westminster Abbey in 1682.

Als de zangklanken de kerk hebben verlaten zet het orkest een stevige mars in en zo gaat dit Händelwerk van start: Ouverture tot Deborah, die uit drie delen bestaat. Een feestelijk opening met trompetgeschal en paukgeroffel. Dansante inzet der violen, ook weer versierd met pauk en trompet. Haast als een mars, ja martiale klanken want er is iets te vieren: de Israëlieten hebben een klinkende overwinning behaald op Sisera en zijn leger. In het tweede deel legt een fijnzinnige hobosolo zijn herderlijke klanken neer over het zacht begeleidende orkest: even een adempauze in het feestgedruis. Een opgewekt derde deel besluit de ouverture en op de maat hiervan schrijden de koorleden naar hun plaatsen op het podium.

Georg Friedrich Händel (1685-1759), schreef talloze oratoria, waarvan de Messiah wellicht het bekendste is. Deborah is er een uit zijn vroegere oratoriumperiode, eerste uitvoering 1733. Het verhaal komt uit Bijbelboek Richteren, waarin profetes en richter Deborah de dood voorzegt van maarschalk Sisera, die na een nederlaag tegen de Israëlieten op de vlucht in Jaëls tent overnacht en door haar gedood wordt. Artimisia Gentilleschi heeft het gebeuren pakkend geschilderd.

Johann Sebastian Bach (1685-1750): moet ik nog iets over deze muziekreus schrijven? Ik houd het bij wat info over deze vroege cantate: BWV 71, de zgn. Ratwechselkantate, voor de feestelijke inwijding van het nieuwe stadsbestuur op 4 februari 1708 in Mühlhausen uitgevoerd. Aangezien kerk en staat toentertijd nauwelijks gescheiden waren rekent men deze van origine wereldlijke gebeurtenis toch tot Bachs kerkelijke werken. Het is de enige cantate die ooit in druk is uitgegeven tijdens Bachs leven. De feestelijk aubade aan de Allerhoogste wordt ingezet met ook weer trompet en pauk, de solisten doen van zich horen en het koor natuurlijk, op volle sterkte. Wat een heerlijk stuk muziek. Een rustig duet tussen sopraan en tenor bezingt de ouderdom: Ich bin nun 80 Jahr, en dan vallen vijf sopranen bij. Een der scheidende burgemeesters van de Raad was ook echt in de 80. Het kistorgeltje kwinkeleert. De vier solisten zingen en hun zang wordt overgenomen door het koor dat intens en geconcentreerd zingt, met volle overgave. De basarioso Tag und Nacht valt op door de grote sprongen die de stem moet maken. Hij wordt begeleid door het orgel, twee violen, twee celli en de contrabas. Meijer heeft een fraaie warme diepe stem die goed accordeert met de begeleidende instrumenten. Ook in de volgende altaria Durch mächtige Kraft wordt de stem ondersteund door trompet en pauk om de Kraft te illustreren. De alt zingt met overtuiging en fraai van timbre. Dan volgen drie koorstukken waarin de zangeressen en zangers laten horen waartoe ze in staat zijn: Prachtige en krachtige zang van het hoogste niveau, de grote Bach volkomen waardig. Een waarlijk geweldige beleving. Het slot heel apart, na jubel volgen een paar zachte intieme vioolklankjes! Wat een heerlijk muziek!

Dan volgt als laatste voor de pauze nog een kort a capella stuk van Mendelssohn, dat zo sereen, zo ingetogen, zo uitgebalanceerd en zo geconcentreerd ten gehore werd gebracht: een feest om naar te luisteren. “Denn er hat seinen Engeln befohlen über dir” is een motet, dat hij schreef in 1844 voor de Berlijnse kathedraal , waar hij sinds 1843 aan verbonden was. Een a-capella werk dat hij later orkestreerde als onderdeel van zijn oratorium Elias. Jacob Ludwig Felix Mendelssohn-Bartoldy (1809-1847), telg uit een voornaam joods geslacht, kleinzoon van filosoof Mozes Mendelssohn; de jonge Felix werd op zijn 7de protestants gedoopt. Vermaard door zijn eerste uitvoering na Bachs dood in 1829 van de Mattheüs Passie .

Ook de pauze was bijzonder: op heerlijke sandwiches en quiches werden verraste concertgenoten getrakteerd naast de gebruikelijke consumptie! Smakelijk, vreugdevol en bijzonder.

Jean Joseph Cassanea de Mondonville (1711-1772) , Frans violist en componist, wiens vader als musicus verbonden was aan de kathedraal van Narbonne. Hij schreef sterke, expressieve en beschrijvende muziek, o.a. Grands et Petits Motets, vioolmuziek en opera’s. Hij werd directeur van de Concerts Spirituels. De Profundis clamavi is de toonzetting van psalm 130, uit de diepten roep ik…Bij het orkest ontbreken nu beide hobo’s, en de trompetten en pauken, terwijl ook het klavecimbel zwijgt. Het orkest zet bescheiden in en de vrouwenstemmen beginnen hun klacht ingetogen en indringend. De solisten zingen hun aria’s met overgave, invoelend en melodieus. Er is nog hoop, zingt de altstem. Een opgewekt koorstuk volgt, haast vrolijk en vol verwachting van het goede dat komen zal en God geeft. De sopraan zingt haar Quia aput Dominum fantastisch: sereen, intens, bezield met geweldige stembeheersing. Indrukwekkend, een open doekje is haar beloning. Het slotkoor wordt vol overgave, enthousiast en betrokken voorgedragen. Een bijzondere kennismaking met een onbekende Franse componist kwam ten einde. Het publiek was zeer te spreken over deze uitvoering, getuige de geestdriftige bijval.

J.S. Bach, Cantate BWV 190: Singet dem Herrn ein Neues Lied. Geschreven voor Nieuwjaardag 1724 later nog bewerkt in 1730 voor het tweede eeuwfeest van de Augsburgse Confessie. De teksten zijn genomen uit Paulus’ Galatenbrief, uit de psalmen 149 en 150 en ook uit Luthers Duitse Te Deum. Singet, singet en dat deed het koor met overgave, de stemmen prachtig uitgebalanceerd. De fagot komt er met virtuoze toonladders mooi doorheen. Klavecimbel en orgel in vol bedrijf, zoals de rest van het orkest: een feest om te horen en te zien. Het Halleluja: een esthetische ervaring van de bovenste plank. Dan zingen Alt, Tenor en Bas Gods lof afgewisseld met koraalregels. De alt zingt met overtuiging en in een prachtig timbre haar aria Lobe Zion, het basrecitatief klinkt kort maar krachtig en zeer welluidend. Dan een duet tenor/bas: Jesus soll mein alles sein met een mooie hobosolo dat het geheel tot een juweel maakt. Er volgt nog een goed gezongen recitatief van de tenor en dan het slotkoor met pauk en trompet het vreugdevolle koraal, dat oproept tot Gods lof en eer.

Een staande ovatie was de dank. Een opgetogen publiek werd hierna nog even gemaand te gaan zitten. Voorzitter Joke Poelsma had slechts voor vijf musici een theepakket. Onvoldoende dus, maar als de ontvangers thee zouden gaan zetten kon iedereen van koor en orkest ervan meegenieten! En toen klonk als definitieve afsluiting nogmaals het Halleluja uit deze cantate. Wat een fantastisch begin van het nieuwe seizoen voor de76 jarige muziekkring Enkhuizen! Hulde en dankbaarheid voor het bestuur, want Liefhebber weet uit eigen ervaring hoeveel werk het organiseren van een concert is om maar te zwijgen van een groot concert. Op naar het volgende optreden op 1 oktober!

Klaas Herman de Haan, Liefhebber


20 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven